Ik dacht en wist heel zeker dat ik de liefde van mijn leven had gevonden. Onze strubbelingen, naast de grote liefde die er was, zag ik als uitdagingen van het leven. Je groeit aan elkaar, je groeit aan de liefde. Ik wilde leren liefhebben en leren vertrouwen dat hij bleef, want wat ken ik het goed dat de ander gaat.
Ongeloof was er toen het weer gebeurde, hij bleef niet. Wat een pijn kwam er los en ook was er de schaamte dat ik weer werd verlaten. De twijfel aan mezelf en mijn liefde sloeg naar binnen.
Mijn overgrootmoeder werd 80 jaar geleden ook verlaten, uitzonderlijk in die tijd. Haar man, mijn overgrootvader koos voor een andere geliefde.
Verdrietig vind ik het dat de diepe pijn gepaard ging met verlies aan vertrouwen in het leven, in God. Gelukkig las ik Tomas Halik op het juiste moment, hij schreef dat de diepste wond van Jezus niet de kruisiging zelf was, maar dat hij zich verlaten voelde door God. Dat was een troost voor mij.
Vorig jaar zomer reed ik naar Spanje, het was alsof het leven me voorbereidde op een grote sprong. Ik had een pijnlijk hart, hij was vlak daarvoor gegaan om zijn eigen weg te gaan. Ik verbleef in Zuid Spanje in een huis in the middle of nowhere. Het was daar dat ik het bericht kreeg: er is een andere liefde nu in zijn leven.
De bodem in mij werd weggeslagen, alles stokte, mijn lijf kon niet direct de pijn aan.
Ieder heeft in zijn/haar leven wel een thema waar je niet aan wilt, wat te zeer doet, te eng is, als een afgrond voelt. Dit is de mijne: de andere vrouw die binnenkomt in het leven van de man die ik liefheb.
Er was niemand om me vast te houden, ik was er helemaal alleen. Wat gaf het leven me een zware opdracht. Blijkbaar zou dit ooit vrucht dragen.
In de tweede nacht werd ik midden in de nacht wakker van de pijn, mijn lijf klapte dubbel. Ik lag daar als een foetus, doodstil in het donker, mezelf vast te houden. En ik was niet bang. Ik voelde hoe ik viel, zo in Gods armen. Ze was er dus wel.
Mocht dit mijn ervaring worden? Mijn grootste nachtmerrie ervaren en me in Gods armen weten?
Stel dat je alle houvast verliest
de grond onder je voeten verdwijnt,
één gedachte aan Kuan Yin,
en je bent als de zon in het oneindige heelal.
(Uit de Lotus Sutra)
Mijn lijf was 6 weken in shock. Inmiddels ken ik het verschijnsel van eerdere ervaringen. Ik weet dat ik dichtbij mezelf mag blijven tot het leven weer mijn lijf binnen sijpelt. Shock is zoiets als een grote Nee van het lijf: dit kan niet waar zijn!
Zo leerde ik de hele periode van (rouw)verwerking om dichtbij mezelf te blijven in alles wat er langs kwam. Steeds als ik een poos vastzat, riep ik na een tijdje het Vrouwelijke Goddelijke, de Shechina en soms kwam ze en kwam er een doorstroming of doorzicht.
Lagen werkte ik door: van afgewezen voelen, verlaten voelen, diepe eenzaamheid en verlorenheid, razernij, willen opgeven, willen draken, weer liefde voelen, eindeloos nagaan: wat is er gebeurt, hoe had ik het anders kunnen doen.
En wat kent een mens een hoop mechanismen om bij de pijn weg te gaan, vaak volkomen onbewust. Ook daar mocht ik bij blijven, getuige zijn van beschermingslagen, totdat ze smolten of open gingen.
Ik wilde één ding niet: in slachtofferschapgevoelens blijven hangen, want dat zou het patroon verdiepen en mijn identiteit met dit stuk versterken. Ik wilde helen, door alle lagen heen.
‘There is a medicin in grief’.
Een hart breken voor een diepere liefde.
Diepe voren werden in mijn hart gegraven en na een poosje werd ik een nieuw soort diepere liefde in mij gewaar.
Ze mist haar kinderen intens. Ze wonen 5 minuten van haar vandaan. Ze komen niet langs. Verstrikt in hun loyaliteit naar hun vader. Haar familie woont aan de andere kant van de wereld. Hoe houd je je staande in zo’n groot gemis? Hoe ga je hiermee om? En hoe kun je toch blijven?
In de opstelling ligt haar hart voor haar, wanhopig van de pijn. Steeds doen we een stukje: ze nadert haar hart. Bij elke stap een golf verdriet. Dan halen we het Strand in de opstelling er bij, de plek waar ze het Grotere ervaart. Nu komt er rust in het veld, nu wordt alles dragelijker.
In het verdriet verdiept haar hart zich. Ze leert liefhebben en blijven.
Ook mijn reis vertelt me één ding: dat blijven liefhebben de enige weg is. Dan blijf ik trouw aan mijn hart. Wegduwen, wrokkig worden, negatieve gedachten, ze horen erbij. Maar genezing vindt mijn hart door te blijven liefhebben. Want daarmee ‘blijf ik’. Blijf ik in het leven, blijf ik tussen de mensen, tussen mijn zusters, blijf ik bij mezelf.
Ik vertrok vervroegd uit Spanje, op weg naar ogen, oren en armen van zusters.
Onderweg stopte ik bij het klooster aan de Piedra. Toen ik naar de gebroken gewelven van de ruïne keek, kwam er eindelijk iets in mij tot rust. Geen gedachten of woorden hadden de pijn kunnen bereiken, maar dit beeld wel: gebroken heilige ruimte.
Daarna bezocht ik de oogstrelende tuinen achter het klooster. Een balsem voor mijn ziel.
Zie dit verhaal als een spiegel voor een thema dat als een afgrond voor jou is, ieders thema en uitdaging in het leven ligt ergens anders.
Laat je dragen.
Laat je vallen.
De diepte van de Liefde eronder is ongekend groot.
Mirjam